Pijnbehandeling

Wanneer de pijn onhoudbaar is en het u niet meer lukt te ontspannen zijn er medicamenteuze opties. Hiervoor zal de verloskundige u overdragen en bevalt u in het ziekenhuis bij de gynaecoloog. Omdat sommige medicijnen de placenta passeren en bij uw baby terecht komen zal de gynaecoloog een CTG (hartfilm van de baby maken om de conditie te beoordelen. Wanneer uw baby in goede conditie is kunt u kiezen uit de volgende soorten pijnbehandeling.

Ruggenprik
Hierbij wordt verdoving (door een anaesthesist op de OK) in de ruimte tussen de ruggenwervels gespoten waarbij uw onderlichaam gedeeltelijk gevoelloos wordt. U kunt uw benen wel bewegen, ze voelen zwaar aan en tintelen soms. U voelt de weeën niet of weinig. Gemiddeld duurt het 5 tot 15 minuten voordat u het effect echt merkt.

Nadelen

  • Er zijn vaker kunstverlossingen nodig, zoals een vacuümverlossing
  • Soms is het nodig de verdoving uit te zetten bij volledige ontsluiting om de persweeën goed hun werk te laten doen.
  • Bij 5% van de vrouwen heeft de ruggenprik onvoldoende resultaat.
  • Je bewegingsvrijheid is minder, niet alleen door de ruggenprik, maar ook door het infuus en het CTG. Je loopt het risico minder een actieve deelnemer aan het geboorteproces te zijn omdat de medische staf de controle over het geheel overneemt. Dit kan je gevoelens over de bevalling naderhand beïnvloeden.
  • De kans op koorts is 15-20% en de kans is hoger naarmate de ruggenprik langer werkzaam is. In dit geval zal je kindje onderzocht moeten worden op tekenen van infectie, waarvoor het van je gescheiden kan worden. Bij tekenen van infectie zal het antibiotica toegediend krijgen (dit komt vier keer zo vaak voor bij een bevalling met ruggenprik dan zonder).
  • Bijwerkingen zoals misselijkheid, jeuk, overgeven en langdurige hoofdpijn.

Pethidine
Pethidine wordt gegeven via een injectie in de bil of het bovenbeen. Na ongeveer een kwartier gaat u het effect voelen: de ergste pijn wordt minder en vaak kunt u zich daardoor ontspannen tussen de weeën door. Sommige vrouwen soezen weg of slapen zelfs. Het middel werkt 2 tot 4 uur. Als de arts twijfelt over de conditie van het kind, kan dat een reden zijn om geen pethidine te geven.

Nadelen:

  • Pethidine maakt dat u slaperig wordt en dat u zich wat van de wereld afsluit; dat kan ervoor zorgen dat vrouwen de bevalling niet bewust ervaren en soms zelfs akelig vinden.
  • Een enkele keer kan misselijkheid, hoofdpijn of duizeligheid optreden.
  • Omdat pethidine door de placenta heengaat, komt het ook bij het kind terecht. Het kind wordt hierdoor in de baarmoeder ook slaperig en minder beweeglijk. Dit is ook op een CTG te zien: de harttonen worden minder variabel. Als een kind vlak na toediening geboren wordt kan dit ademhalingsproblemen geven. Daarom wordt dit middel ook niet meer gegeven als de ontsluiting verder gevorderd is.